|
De
laatste uurtjes van het oude jaar of het begin van het nieuwe
jaar lijkt voor heel wat verliefden het geschikte moment om
hun partner ten huwelijk te vragen. De redactie van Moneytalk
onderzocht en concludeerde dat achter een huwelijksaanzoek
alvast geen financieel argument meer kan schuilgaan.
In
België kan je op 3 manieren samenleven: trouwen (sinds
2003 ook mogelijk voor mensen van hetzelfde geslacht), wettelijk
samenwonen en feitelijk samenwonen. Wettelijk samenwonen bestaat
al sinds 1998. De 2 partners leggen een verklaring af tegenover
de ambtenaar van de burgerlijke stand van de woonplaats. De
verklaring komt in een document dat tegen ontvangstbewijs
wordt overhandigd aan de ambtenaar van de burgerlijke stand.
Deze vorm van samenleven zit in de lift, zo blijkt uit recente
cijfers van het Rijksregister. Het voordeel van wettelijk
samenwonen is dat het met een eenvoudige verklaring weer ongedaan
kan worden gemaakt. Een huwelijk beëindigen, kost meer
tijd.
Partners
die feitelijk samenwonen, hebben geen huwelijk en leggen geen
verklaring van wettelijk samenwonen af.
Fiscaal gelijk
Vóór
2004 kende de fiscus slechts twee soorten belastingplichtigen:
gehuwden en alleenstaanden. Sinds 2004 wordt een bijkomend
onderscheid gemaakt tussen feitelijk samenwonenden, die het
statuut van alleenstaanden hebben, en wettelijk samenwonenden,
die als gehuwden worden behandeld. Feitelijk samenwonenden
worden afzonderlijk belast op hun eigen inkomsten, dienen
elk een aparte belastingaangifte in en krijgen een afzonderlijk
aanslagbiljet. Wettelijk samenwonen is gelijkgeschakeld met
het huwelijk. De partners hebben dezelfde status als een echtgenoot
en de schrapping van het samenwonen staat gelijk met een echtscheiding.
De gelijkschakeling tussen gehuwden en wettelijk samenwonenden
houdt praktisch het volgende in:
Een
gelijke belastingvrije som (een deel van het belastbare inkomen
is belastingvrij) van 6040 EUR (aanslagjaar 2008).
Een
gesplitste berekening voor alle inkomsten. Vóór
2004 werden de inkomsten van de echtgenoten (met uitzondering
van de beroepsinkomsten van de echtgenoot die er het minst
heeft) samengevoegd, waardoor ze sneller werden onderworpen
aan een hoger progressief belastingtarief. Sinds aanslagjaar
2005 wordt de belasting voor iedere echtgeno(o)t(e) of wettelijk
samenwonende partner op zijn of haar eigen inkomsten berekend.
De
belastingvermindering voor vervangingsinkomsten (zoals een
werkloosheidsuitkering) wordt berekend per echtgeno(o)t(e)
of per wettelijk samenwonende partner.
Gehuwden
en wettelijk samenwonenden betalen evenveel belastingen. Maar
tussen gehuwden en wettelijk samenwonenden enerzijds en feitelijk
samenwonenden anderzijds bestaan nog steeds belangrijke fiscale
verschillen.
|